blog

Klinkt als…

retorica en retoriek

Deze week heb ik een erg gevulde week gehad en daardoor helaas weinig tijd voor een bericht (2 à 3 uurtjes). Kort dus waarschijnlijk (nou, dat is misschien toch nog even afwachten, ondanks de wekelijkse verzoeken). Als direct vervolg op de retorica van vorige week wil ik het deze week even over het verwante begrip "retoriek" hebben. Zoals retorica gaat over de kunst van het overtuigen heeft dat bij retoriek een vleesgeworden, onwelriekende vorm gekregen; de drang om koste wat kost te overtuigen. Retorica heeft een zekere schoonheid, een spel met regels en een fraaiheid van redeneringen om van een probleemstelling tot een overtuiging, tot een standpunt of een mening te komen. Een esthetisch traject. Bij retoriek daarentegen heiligt het doel alle middelen; een soort straatvechten.

Starten bij het eind

Niet alleen heiligt het doel de middelen, maar vaak start je gemakshalve al bij het doel als het om retoriek gaat. Bij retorica start je meestal bij een vraagstuk of probleem en dan probeer je met steekhoudende, liefst onweerlegbare, zorgvuldig op elkaar gestapelde argumenten via een overtuigende route te komen tot een conclusie die de ander door de kracht van je betoog wel zal moeten delen. Bij retoriek start je al met de conclusie en hanteer je alle mogelijke onderbouwingen waarom het niet meer dan logisch is om dat standpunt te hanteren. Of die argumenten helemaal kloppen of een logische samenhang hebben doet niet erg ter zake.

In een eerdere aflevering heb ik het er heel even over gehad. Afgelopen jaren valt retoriek me steeds vaker op als mechanisme waarbij mensen zich veilig wanen. Wanneer je rookt en je oom Jan is 96 geworden en die rookte ook altijd een pakje per dag, dan is er niets aan de hand. Alle wetenschappelijke tegenwerpingen, kansinschattingen en sterftetabellen ten spijt; het blijkt door oom Jan gewoon zo te zijn dat je best oud kunt worden als je rookt. Dus roken hoeft helemaal niet schadelijk te zijn (de conclusie waarmee gestart wordt). En omdat je zelf al lekker lang rookt lijk je al aardig op oom Jan en is je risico dus ook relatief klein.

Anders is veilig

Krijg je wel iets, kanker van enige soort, een dichtgeslibd vaatstelsel, een kind dat een einde aan zijn leven maakt, dan ben je anders. Ja, logisch, gelukkig heeft niet iedereen dat. Wat ik zie is dat die niet-getroffenen dan graag op zoek gaan naar een onvergelijkbaarheid om zich zelf buiten de gevarenzone te voelen. Kanker krijg je niet zomaar is dan de redenering, net zomin als een hart-/vaatprobleem. Ook een kind dat het leven niet ziet zitten en er niet uit komt hoe het verder zou moeten lijkt een oorzaak te moeten hebben. Er is altijd wel iets dat anders is aan anderen en dat verklaart dan het waarom van zoiets onbegrijpelijks en vreselijks.

O, vast en zeker zijn die oorzaken er. Maar om die zo simpel op het anderszijn van die andere persoon te schuiven is nou net wat retoriek doet; bevestigen van een vooraf gestelde conclusie. Kort gezegd komt het op een cirkeltje neer : alles komt altijd door iets; wij hebben geen kanker, hartprobleem of suicidaal kind, dus wij zijn anders, en ook verder zijn er verschillen te benoemen, dus zijn wij echt anders en omdat wij anders zijn gaat ons dat niet gebeuren. We geloven het ook nog, dat we echt, echt anders zijn. We eten beter, staan opener, uiten onze emoties, hebben geweldig contact met onze kinderen of wat dan ook. Dat we ook roken, teveel drinken, niet sporten, ons opwinden, altijd met iets bezig zijn telt niet mee. Ach, dat is allemaal statistiek, terwijl oom Jan toch echt 96 geworden is en gewoon aan ouderdom is dood gegaan.

Denk er om

Mooi, om jezelf zo voor de gek te houden. En ja hoor, daar doe ik net zo hard aan mee. Want zelfs als je al "anders" bent, kun je ook "nog meer anders" zijn dan alle anderen die zijn getroffen door iets onaangenaams. Voor mijn gevoel hoort het (te) optimistisch inschatten van mijn eigen gezondheid gewoon bij mij. Net zoals ik de kracht van mijn denken of de positiviteit van mijn karakter soms te optimistisch inschat.... Of dat nou specifiek aan mij, aan alle mannen of aan iedereen kleeft weet ik niet; en op zich is het best prettig, zo'n lichte zelfoverschatting, hoewel mijn omgeving daar soms kritischer op reageert 😉

Voor de gek

Zoals de gebruikelijke retoriek een vorm is om anderen voor de gek te houden, zo is de zelfoverschatting die ik zojuist beschreef een manier om jezelf voor de gek te houden. We geloven wat we willen. Ik wil daar (als het niet te lang wordt) toch even een psychologisch onderzoekje bij aanhalen. In 1948 verrichtte psycholoog Bertram Forer een onderzoek onder studenten. Hij liet ze een persoonlijkheidstest invullen en legde de conclusies van die test vervolgens aan de studenten voor, met de vraag hoe passend ze die uitslag vonden. Op een 5-puntsschaal bleek dat een 4,2 te scoren. Veel studenten vonden de uitslag uitermate goed bij hun diepste wezen passen. Tot zover niets spannends, maar het bijzondere is dat de uitslag die Forer aan de studenten voorlegde voor alle studenten volledig identiek was, geen enkel verband met de persoonlijkheidstest had en bovendien was samengesteld uit teksten die hij uit horoscopen in de krant had geknipt. Dit was de uitslag :

"Je wilt graag dat anderen je aardig vinden en bewonderen, maar bent ook geneigd tot zelfkritiek. Hoewel je karakter enkele zwakheden vertoont, kan je die doorgaans goed compenseren. Je hebt een aanzienlijk ongebruikt talent waar je geen profijt van trekt. Je straalt discipline en zelfbeheersing uit, maar van binnen ben je nogal eens een onzekere tobber. Soms twijfel je er ernstig aan of je wel de juiste beslissing hebt genomen of juist hebt gehandeld. Je houdt van enige afwisseling en het zint je niet als regels en beperkingen je bewegingsvrijheid indammen. Je bent er trots op een onafhankelijk denker te zijn en neemt niet zomaar iets van anderen aan. Uit ervaring weet je dat het niet verstandig is jezelf al te zeer bloot te geven. Je kunt extravert, vriendelijk en gezellig in de omgang zijn, maar ook introvert, behoedzaam en gereserveerd. Sommige verlangens van je zijn tamelijk onrealistisch"

Portret

Ik schreef al eerder over mijn selfies-project, waarbij ik mensen fotografeer die een selfie van zichzelf nemen. Bij het "jezelf voor de gek houden" en "lichte zelfoverschatting" schiet me dat meteen weer te binnen. Je plaatst jezelf met een selfie fotografisch centraal in een wereld, die eigenlijk alleen ter illustratie en meerdere eer en glorie van jezelf bedoeld is. Kijk, dit was IK in New York. Door New York op die foto als omhulling te gebruiken word je zelf boeiender. Vroeger (in mijn jonge jaren) nam je dan gewoon een foto van New York en misschien liet je de ober ook nog een foto van jezelf maken, maar dan meestal tijdens een bezigheid met anderen, zoals een maaltijd. Met een selfie geef je je eigen zelfoverschatting fotografisch volledig de ruimte.

Volgende week meer over mijn selfies-project, met een aantal foto's uit Sevilla. Deze week slechts één beeld. Een portret, althans "the making of". Ik vind het leuk om te zien hoe degene die als onderwerp op het portret terecht gaat komen daar een passende houding bij zoekt. Kin een beetje omhoog, nonchalant leunend tegen een pilaar. De toevallig langslopende techniek-man geeft zichzelf een niet-aanwezigheid houding, het hoofd gebogen maakt hij zich klein, hij beweegt vlak langs de muur; liefst was hij er in opgegaan, lijkt het.

 

portret sevilla

 

Zou het ijdelheid zijn waardoor je bij een selfie, maar ook bij bovenstaand portret, vooral bezig bent met hoe je zelf in beeld komt ? Of heeft het een functie ? Waarom neem je zo'n foto eigenlijk ? Gaat het om de vastlegging van een herinnering ? Maar waarom neem je dan een (zelf)portret ? Misschien is het doel wel om jezelf te herinneren ? Om je onsterfelijkheid veilig te stellen ?

Een selfie heeft eigenlijk wel wat retorisch, zoals ieder zelfportret. We stellen ons zelf als onderwerp in de boeiende rol. De rest van de wereld is omgeving. Liefst fotograferen we die een beetje vaag, waardoor we zelf nog duidelijker het middelpunt van onze eigen wereld zijn. Alles bewijst zichzelf, als je er een beetje moeite voor doet...

Hoe dan ook, het wordt tijd dat ik weer eens een zelfportret maak...

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.